Veel planten bloeien echt veel eerder

Hazelaars zijn er steeds vroeger bij

Hazelaars (hier in de NOP in januari 2021) zijn er steeds eerder bij (afb: NOP-nieuws)

Het is al eerder opgemerkt dat het er op lijkt dat planten steeds vroeger in bloei staan, maar het is ook echt zo maakt een studie van onderzoekers van de universiteit van Cambridge (VK) duidelijk. Die ene graad aardopwarming zegt mensen niet zo veel, maar dat er al bomen in januari in bloei staan moet ze toch opvallen. Overigens zijn er ook winterbloeiende bomen en struiken.
Mensen met een pollenallergie zijn de eersten die merken als planten (ook bomen, dus) in bloei staan. De hazelaar lijkt nu hier en daar al in bloei te staan of gestaan te hebben (in ieder geval in Duitsland). Volgens het onderzoek bloeien vrij veel planten nu al een maand eerder dan voorheen. Onderzoekers rond Ulf Büntgen zijn tot die conclusie gekomen na de bestudering van 420 000 waarnemingen van meer dan vierhonderd plantensoorten. Sommige van die waarnemingen, alle in het Verenigd Koninkrijk, dateren van 1753, maar de meeste komen uit de periode tussen de jaren ’50 en 2019.
Een groot deel van de planten, de 334 kruidachtige, bloeiden na 1986 gemiddeld 31,5 dagen eerder dan daarvoor. Bij bomen is dat gemiddeld vijftien dagen en voor struiken tien. Die data kwamen goed overeen met de ontwikkeling van de maximumtemperaturen tussen 1952 en 2019.
Omdat kruidachtige korter leven, kunnen ze zich sneller aan de omstandigheden aanpassen dan bomen en struiken. De onderzoekers durven niet te voorspellen of die veranderingen snel genoeg gaan om een nieuw optimum te bereiken om de klimaatverandering bij te houden.

Temperatuurafhankelijk

De onderzoekers sloten neerslag als bron van de bloeivervroeging uit. Die zou volgens hen geheel op het conto van de aardopwarming komen. Tussen 1952 en 2019 bloeiden planten elk decennium gemiddeld 5,4 dagen vroeger. Hoe sterk die temperatuurafhankelijkheid is toonde de ontwikkeling in de tweede helft van de jaren ’80 toen de temperatuur tussen januari en april in het Verenigd Koninkrijk een sprong omhoog maakte. Daarmee sprong ook het begin van de bloei naar voren.

Een en ander destijds zou het gevolg zijn van de omkering van de Noord-Atlantische Oscillatie, een luchtdruksysteem dat het weer van Noordwest-Europa beïnvloedt. Die verandering versterkte de aardopwarming. Overigens zou niet daarom gekozen zijn voor 1986 als ‘scheidingsjaar’. Dat lag meer aan de beschikbaarheid van waarnemingen (die ‘evenwichtig’ verdeeld moesten worden).

Bron: der Spiegel

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.