Paddenstoelen slaan een hoop koolstof op

Groene knolamaniet

Groen knolamaniet (afb: WIKIMEDIA COMMONS)

De aardbodem slaat veel koolstof op. Dat zou wel eens kunnen veranderen door de aardopwarming. Nu (b)lijkt (het er op) dat in die opslagcapaciteit paddenstoelen een belangrijke of zelfs doorslaggevende rol spelen.

De bodem bevat veel koolstof, die daarmee niet in de vorm van kooldioxide of methaan in de atmosfeer terechtkomt. Dat aardoppervlak zou zo’n drie keer meer koolstof bevatten dan onze atmosfeer. Dat is het werk van bacteriën maar ook van paddenstoelen. Die zetten vergaand leven om ter verrijking van de bodem. Sommige koolstofverbindingen in de bodem verblijven daar wel eeuwen.
Micro-organismen zetten echter ook koolstofverbindingen om in kooldioxide of methaan en zo komt koolstof alsnog in de atmosfeer terecht (waar dat element zich bevindt in broeikasgassen). Die processen verergeren het door de mens veroorzaakte klimaatprobleem.
Dat proces zou door de aardopwarming kunnen worden opgevoerd. Die zou namelijk kunnen leiden tot een bevolkingsexplosie onder de bodembacteriën. Die zouden daarmee ook de oude koostofreserves kunnen aantasten. Nu hebben onderzoeksters eens beter bekeken hoe die processen (opslag en ontleding van koolstofverbindingen) in de bodem verlopen.
Daartoe onderwierpen ze diverse bodemsoorten in het lab aan een proces van (aard)opwarming. Micro-organismen zijn de voornaamste producenten van de bodemverbindingen, zo bleek hun. Het bleek ook dat bodems die rijk waren aan paddenstoelen/schimmels minder koolstofverbindingen in gasvorm uitstootten dan bodems die daar minder rijk mee bedeeld waren.

Onbekend

Hoe dat komt weten de onderzoeksters nog niet. Ze speculeren dat schimmels en paddenstoelen (je zou paddenstoelen de bloeiwijzen van schimmels kunnen noemen) enzymen produceren die de bodembacteriën zelf niet kunnen aanmaken. Die nieuwe koolstofbevattende bodemstoffen zouden dus een co-productie zijn. Het wachten is nu op proefnemingen in het veld die deze labproeven bevestigen (of niet, uiteraard).

Bron: Futura-Sciences

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *