Opinie: Laat het klimaatbeleid niet over aan ingenieurs

Maarten Steinbuch en Van de weide van TU Eindhoven

Maarten Steinbuch (links) en Carlo van de Weijer van TU Eindhoven

Gister zat ik vol verwachting klaar voor een uitzending van Tegenlicht van de VPRO over de mobiliteit in een wereld waar het klimaat door toedoen van de mens sterk aan het veranderen is. Dat programma viel niet mee. De omroep had vrijwel alleen maar ingenieurs voor de camera gehaald en zoals ingenieurs eigen zagen die overal een oplossing voor. Zelfs het klimaat zouden we via kooldioxideafvang kunnen regelen alsof aan de knop van de cv-thermostaat draaien, opperde een van het spraakmakende tweetal (Maarten Steinbuch en niet Carlo van de Weijer) in het 55 jaar oude Evoluon in Eindhoven. Typische ingenieursdroom.Hou me te goede. In mijn beroepsleven als wetenschapsjournalist heb ik vaak met ingenieurs te maken gehad en door de bank genomen vond ik dat aardige en soms zelfs slimme mensen, maar ze hadden allemaal een mening gemeen: de techniek lost het wel op. Dat die techniek wel eens een onderdeel van het probleem zou kunnen zijn kwam niet in hun hoofd op (een enkele uitzondering daargelaten).
Daarbij moet ik altijd weer denken aan het, wellicht onware, verhaal over het schrijfgerei van ruimtevaarders. De Amerikanen hadden een zeer geavanceerd systeem ontwikkeld dat gebaseerd was op de pennen die in hoogvliegende bommenwerpers werden gebruikt. De astronauten vroegen aan hun Russische collega’s hoe zij dat probleem van de lekkende pennen hadden opgelost: met een potloodje (zou het antwoord geweest zijn).
Het Tegenlichtprogramma begint nog goed met de aandacht die de fiets krijgt. In de ideeën van het tweetal de oplossing voor het vervoer in de toekomst en aanzienlijk belangrijker dan het openbaar vervoer in termen van ‘duurzaamheid’ (ecologisch verantwoord). De auto werd door de twee allerminst afgeschreven, terwijl dat toch een een geweld(dadige) energie- en grondstofverspiller is (om het over de verspilling van gezondheid en ruimte maar niet te hebben).

Luchtvaart

Luchtvaart zou elektrisch moeten worden, maar dat kan maar tot een bepaalde afstand. Transatlantische vluchten zouden nooit met elektrische vliegtuigen gevlogen kunnen worden vanwege de gigantische batterijenballast die daarvoor nodig zou zijn.
Waterstof is een mogelijkheid, maar dat verliest het in energiedichtheid van het nu gebruikte kerosine. Dus opperde Steinbuch het idee om met waterstof en kooldioxide kerosine te maken (waarom hij daar waterstof voor nodig heeft is me een energieverspillend raadsel, planten maken koolwaterstoffen uit water en kooldioxide). Het kooldioxide dat je daarvoor nodig hebt haal je uit de atmosfeer, was zijn argument. Dat zou dus klimaatneutraal kunnen gebeuren.
Even kwam de term vliegschaamte in ‘beeld’, maar dat werd snel gepareerd met het argument dat die zou verdwijnen met de ‘verduurzaming’ van de luchtvaart.
In het verlengde van zijn kerosineverhaal werd er ingezoomd op afvangtechnieken voor kooldioxide, die momenteel nauwelijks nog van de grond zijn gekomen en hoogstwaarschijnlijk nog vele jaren nauwelijks iets zullen bijdragen aan de bestrijding van de klimaatontwrichting en aardopwarming, maar Steinbuch draafde meteen maar door door die techniek te presenteren als een soort ’thermostaat’ waarmee we het klimaat kunnen regelen.

Consuminderen

Heel even had Steinbuch het over consuminderen, maar hij serveerde dat onderwerp meteen weer af door te stellen dat mensen hun gedrag toch niet gauw zullen aanpassen, wat eens te meer een rare opmerking is. Het bestrijden van de klimaatverandering gaat vooral om het veranderen van het destructieve gedrag van de mens in de rijke delen van de wereld. “De teugelloosheid van de mens is in zijn DNA geschreven”, stellen Johannes Krause en Thomas Trappe in hun nieuwste boek Hybris (ook in het Nederlands verschenen).
Dat ongebreidelde gedrag heeft geleid tot de klimaatcrisis en er is nog geen enkel zicht dat daarop wordt ingezet in het klimaatbeleid. Heel voorzichtig proberen overheden nu burgers en bedrijven te verleiden tot energiebesparing, maar als het klimaatbeleid al iets voorstelt dan heeft het toch vooral met technolgieverandering te maken, waarbij ingezet wordt op de vermindering van de broeikasgasuitstoot. Dat ons hele systeem, het kapitalistische, gebaseerd is op groei doet kennelijk niet ter zake.

Wat ook zo teleur stelde in dit VPRO-programma is dat het tweetal geen cijfers noemde (daar werd ook niet naar gevraagd). Als je het over mobiliteit hebt hebt je het over de gevolgen daarvan voor de omgeving (en dus het klimaat). Hoeveel energie, ruimte en grondstof (en nog wat zaken) kost het verplaatsen per verkeerssoort?

De twee vertellen wel dat je voor razendsnelle hyperloops technisch en financieel voor grote problemen komt te staan die volgens hen niet zijn op te lossen. Steinbuch (was hij nu de enige die rare opmerkingen maakte?) stelde dat bij luchtvaart de problemen beperkt zijn rond de ruimte van de luchthavens, maar mij lijkt dat landvervoer altijd goedkoper is wat betreft energieverbruik dan luchtvervoer. Daar had ik dus wel eens cijfers van willen horen (maar niet dus).

Eenmiljard auto’s

Steinbuch (weer hij) vertelde vrolijk dat we de komende tien jaar eenmiljard auto’s zullen bouwen en hij werd daar niet door de ‘ondervrager’ op aangesproken (Moet dat wel?, bijvoorbeeld). Dat is eenmiljard ton aan grondstoffen een ontzettende hoop energie om machines te maken die het summum van energieverspilling (en dus klimaatverpesting) zijn.

Aan het eind van het programma werd het tweetal gevraagd hoe ze naar huis gingen. Met de auto, kennelijk waren ze hun lovende verhaal aan het begin over de fiets vergeten (of was dat voor andere mensen dan zijzelf bedoeld)….

arno schrauwers

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.